Hij glimlacht naar me, where are you from? `The Netherlands`, zeg ik. `Holland`. `Europe`…? Ahhh sja ja oh ah ah haha. Nieuwsgierig bladert hij door mijn paspoort, van voor naar achter en weer terug, waar ik ben geweest, hoe ik heet. Het is meer belangstelling dan controle hier aan de Chinese kant van de douane, 20 km voor de grens naar Vietnam. Het is 23.00 uur en alle passagiers moeten met bagage uit de trein voor een check. Er staan soldaten die glimlachen en ik klets met een jonge politieagent over mijn reis door China. Iedereen mag weer aan boord en ik schommel in slaap. Nog een controle! Hier had ik niet op gerekend en ik sta met een slaperig hoofd weer met al mijn spullen buiten de trein. Ook op Vietnamees grondgebied is de paspoortcontrole gezellig, rustig en vriendelijk. De politiehond die kwispelend aan de spullen snuffelt is een soort poedel in plaats van een grote gevaarlijke herder. Ik wissel mijn laatste Chinese Remiedies in voor mijn eerste Vietnamese Dongs.

De eerste taxichauffeurs dienen zich aan om mij weg te brengen. Volgens mijn bevindingen kan ik makkelijk lopen, maar de trein is ergens anders gestopt dan waar ik had gedacht. Ik loop achter een chinees aan die mij eerder in de trein had aangesproken, hij weet misschien wel meer. We lopen naar de bus, hij betaalt mij kaartje en ik stap 1 straat verwijderd van mijn bestemming uit, dank u wel lieve meneer de Chinees. Een vrouw met een enorme mand op haar hoofd komt mij tegemoet en poseert voor een foto, die maak ik. Vervolgens wil ze geld zien. Ik wordt gelijk met mijn neus op de Vietnamese mentaliteit geduwd. Uiteraard krijgt ze niks, ik poseer tenslotte ook overal gratis.

Badminton, hardlopen, joggen, snelwandelen, opdrukken, het gebeurd allemaal om het Hoak Kiem meer. Ontzettend veel sportieve mensen hier om half 7 `s morgens die het park gebruiken als fitnessruimte. Een oude man traint zijn balans op de stoeprand een jonge vrouw gebruikt een bankje voor sit-ups. Het is gezellig, het is buiten, iedereen doet het en het is gratis, wat een goed idee in plaats van de bedompte fitness scholen. Vietnamezen vragen waar ik vandaan kom en ik ontbijt met ze op de straat. Ze zijn erg open en vriendelijk en ze spreken Engels! Wauw, dat is makkelijk. Voorzichtig kijk ik naar de tientallen tourbureaus en ik moet er bij 1 binnen komen. Ik ben zo achterdochtig als de pest en dat heeft de Ierse Touroperator Paul gelijk door. Hij hoort bij 3 woorden al dat ik uit Nederland kom. Hij stelt me gerust, wees niet bang, ik wil geen geld van je, ik geef je alleen advies, en dat krijg ik. Bovendien help ik hem met het vertalen van zijn Nederlandse mails van de ABNAMRO, hij heeft even in Nederland gewoond en daarom nog een Nederlandse rekening of misschien is het wel om zijn Vietnameese Dongs wit te wassen 😉 Alle cafés hebben wifi, facebook en google werken, en ze hebben normale wc`s! Als kind vond ik in Frankrijk de wc met alleen een gat in de grond dood eng. Ik had het idee dat ik erin zou vallen, een monster mijn been zou grijpen en me mee zou nemen in de donkere tunnels van de onderwereld. Dat gevoel bij het zien van zo’n wc is nooit helemaal weg gegaan, net als dat ik nog altijd bang ben in het donker.

De scooter en verkeerchaos wordt hier nog een niveautje hoger getilt. Vietnamezen kijken lachend toe hoe ik mezelf zigzaggend springend, stoppend, lopend, een stapje achterruit en weer vooruit naar de overkant van de straat beweeg. Ik juich als ik aan de overkant ben en de Vietnamezen juichen mee. Ik neem koffie in een cafeetje, pin 8 miljoen en besluit gelijk maar wat culturele activiteiten te ondernemen.
Voorzichtig schuivend door de gevangenis lopen de rillingen over mijn lijf. Hier zijn mensen op gruwelijke wijze gemarteld of overleden door, ziekte, honger of onthoofd door de enorme guillotine. Ik ga ook naar een museum over het dapperste mens op aarde; de vrouw.
In het chaotische Old Quarter ontmoet ik Dueén, een Ier en we drinken biertjes op de piepkleine bankjes, samen met nog tig andere westerse toeristen. Het is hier een waar backpackers paradijs met goedkoop bier, barretjes, knipperlichten, eten, muziek, feesthostels en happy hours. Heerlijk om tussen deze gezellige chaos te zitten en slap te ouwehoeren over ouwe hoeren, andere vrouwen (ik zit inmiddsls met 5 mannen) en grote verhalen over `awesomes places tot go`. Ik slaap ook met 5 mannen op een kamer, dat hoor je in de nacht en dat ruik je in de ochtend. Ik vlucht vroeg naar buiten voor wat frisse ochtend smog, sterke koffie en een traditionele Pho ( noodlesoup) als ontbijt.

Gespannen, benieuwd en met wat zenuwen loop ik naar het café waar ik heb afgesproken met Paolo. Ik laat me ophalen door een wild vreemde, die me, ik weet niet waar naar toe brengt en vervolgens ga ik daar slapen. Is dat avontuurlijk of ontzettend onverstandig. Ik weet het nog niet, maar ik ga het ontdekken. Voorzichtig loop ik het cafe in als ik in de hoek een jongeman driftig zie zwaaien, dat moet hem zijn. Rustig, eenvoudig, betrouwbaar en Italiaans. Die laatste 2 gaan misschien niet goed samen maar ik heb er een goed gevoel bij. Ik klim achterop de motor en we zigzaggen door het chaotische verkeer. Ik zie mezelf al in elkaar gekreukeld op de weg liggen, alhoewel Paolo voorzichtig rijdt, maar de Vietnamezen kijken helemaal nergens naar, steken gewoon al toeterend over en spookrijden is hier heel normaal. Naast me zit een kindje ook achterop, vastgebonden met een riem aan haar moeder en een helm van Hello Kitty. `We maken een extra ommetje`, schreeuwt Paolo, `dan kun je het West Meer zien`. `Wat een leuk idee roep ik, maar liever wil ik dat deze rit met mijn zware backpack die me steeds uit balans brengt zo snel mogelijk ten einde komt.
Het huis is groot en Dustin komt slaperig zijn kamer uit. Een lieve jongen en we kletsen op het balkon waar hij een blowtje rookt en ik een sigaretje. Paolo maakt een lunch met zoete aardappels en verse zalm, wat heerlijk en gastvrij.
`s avonds springen we opnieuw op de motor en laat hij mij de leukste plekken van de stad zien. Gewend aan de chaos is de motor een goed vervoermiddel geworden en Paolo heeft zichzelf een maand bier ontboden dus de BOB is snel geregeld. Ik slaap in de woonkamer op een matras. Mijn eerste coachsurf ervaring, waar mensen via een website gratis hun bank en huis ter beschikking stellen voor reizigers is een feit. Wat een leuke nieuwe dementie van het reizen en daarnaast is het lekker low budget.

De golven zijn ruw en de stroming is harder. Michael en ik peddelen driftig door het water. We worden afgeleid door de mooie vogels, bergen, eilanden en 2 blaatende geiten balancerend op de scherpe rotsen om dat ene groene blaadje te pakken te krijgen. Er staat een veld met groen achter hen, maar voor de berggeiten zal ook wel gelden: wat van ver komt is lekkerder. We bereiken Monkey eiland, waar, hoe kan het ook anders, de bomen vol met apen zitten. Door een gat in de rotsen peddelen we een soort enorme krater in. Het is doodstil. Alleen het geluid van het water dat tegen de bergen klotst en onze `oehhai`s`die weerklinken tegen de rotsen die ons omringen. Roofvogels cirkelen boven ons hoofd en het groenblauwe zeewater spettert in ons haren.
Op de boot zijn meer crewleden dan gasten dus ik heb een 2 persoonshut met privebadkamer en super dik zacht bed voor mezelf. We varen via verschillende eilanden door het karstgebergte, beklimmen een enorme grot en stranden uiteindelijk op ons bountyeiland. We zonnen, nemen een duik in het water, slapen in een rieten hutje en de maaltijden zijn uitgebreid en vers bereid. Het voelt als een kleine vakantie tijdens het reizen, kan het leven mooier

Advertenties