Zomaar uit het niets valt hij me aan. Ik krijg een tik in mijn gezicht. Hij neemt afstand, maar draait zich om en komt weer met een noodgang mijn kant op en weet mijn gezicht nog een keer te raken. Dan mijn arm, oor en schouder. Blijkbaar wordt mijn aanwezigheid niet op prijs gesteld en dat wordt even flink duidelijk gemaakt. Gelukkig is mijn aanvaller slechts 5 centimeter lang en wordt mijn gezicht beschermd door mijn duikmasker. Bovendien kan Nemo, de clownsvis, mij niet echt hard raken, al vind ik hem wel heel dapper in het verdedigen van zijn territorium. Het zicht onderwater is wat troebel, maar voor mijn eerste duik, na de Vinkseveense plassen in Oktober vorig jaar toen het 12 graden was, is het heel wat beter en vooral warmer. Het koraal zit vol met zee egels en ik probeer zo dicht mogelijk eroverheen te zwemmen, maar ook weer niet er doorheen, want dat zal vast prikken. De truc is om jezelf zo uit te balanceren dat je op 1 diepte blijft, maar door te ademen, wat op zich wel handig is om te blijven doen, ga je door de lucht in je longen omhoog en omlaag. Bovendien is het koraal niet vlak, heb je door je masker een soort tunnelvisie en moet je regelmatig je oren ploppen, omdat de druk anders is. Duiken vereist serieus nog wat skills en is geen kwestie van een flesje zuurstof op je rug en van een boot afspringen, wat ik zelf eigenlijk altijd dacht. Toch gaat het vrij snel vanzelf en zwem ik lekker mee met de scholen vissen en wandel ik achter een reuzeslak aan.
Het zand is witter dan ik ooit heb gezien en mijn bruine teentjes kunnen maar niet stoppen met jubbelen als ze erdoorheen woelen. Het is hier een waar paradijs, al kan ik mezelf niet zo goed aarden. De sfeer is relaxed en mensen genieten van het leven en elkaar. Na 2 maanden reizen kan ik nog niet de rust vinden om in deze sfeer mee te gaan, ik moet nog te veel doen en zien, ik heb nog geen rust in mijn kont, wat ik zelf overigens prima vind. Een wandeling langs het strand in het donker is prachtig met de sterren hemel boven mij, maar voelt tegelijkertijd ook eenzaam. Een bounty eiland is niet echt een plek om alleen te zijn en ik voel niet de behoefte om aansluiting te vinden met de mensen die hier duidelijk met elkaar zijn of die hier al even zijn vast geroest. Ik besluit niet teveel te verzanden in deze gedachten en bedenk me dat een wijze man ( ja broer, dit gaat over jou 😉 mij vertelde dat er altijd momenten binnen je reis zijn waarin je je gewoon wat minder voelt. Al valt het lastig aan iemand uit te leggen dat dit onder de palmbomen op een prachtig eiland is. Mijn lichaam heeft wat tijd nodig om de nieuwe Cambodjaanse bacteriën te overmeesteren en ik lig wakker in mijn bamboehutje. Er zijn slechtere plekken waar je kunt zijn als je niet kunt slapen en om 05.30 uur zit ik op het strand. De zonsopkomst is magisch en de warmte en prachtige kleuren geven mij nieuwe energie. Ook de onderwaterwereld verwend mij vandaag met een 2e dag duiken. Het voelt vrij te kunnen ademen onder water tussen de vissen en het kleurrijke koraal.

Een nieuwe aanval, nu van kinderen met bandjes, manicures, zonnebrillen verkopers en mensen zonder benen. Het vaste land, sihounakville, is een bedelaarsoord, verpest door (sex)toerisme en overvolle stranden met veel te bruine respectloze Westerlingen. Zeuren over een blaadje sla tussen het broodje, aardappels in plaats van friet, geïrriteerd reageren als de Cambodjaan niet gelijk het bekakte Engels verstaat en half naakt over straat lopen wat in Cambodja echt `not done` is. Ik krijg een plaatsvervangend schaamtegevoel en ik begrijp heel goed waarom de Cambodianen hier een tikkie minder vriendelijk zijn. Gelukkig wacht de natuur in Koh Kong op mij en ik vertrek vroeg in de ochtend.

De bakkerij (stalletje op het strand) op Kon Rong, waar ik ook heb gedoken heeft mij al verleid met een pak eierkoeken, maar nu valt mijn oog op een koekje met chocolade. Ja, doet u mij die maar mevrouw. Dat is dan 6 dollar, zegt ze. 6 dollar? Voor 1 koek? Nogal expensive hà? `Is happy cooky miss`. Ik wordt altijd happy van cookies, maar niet tegen elke prijs natuurlijk. Maar Happy Cookie, zijn die chocolaatjes dan paddenstoelen ofzo? No, no, marihuana inside. Oooohwwww, oke nou laat maar zitten dan, ik moet zo nog duiken.

De gids springt weg, vliegt van de grond en slaat met zijn arm. Hij schrok van een spin. Een hele grote, dikke, lange spin met een glimmend oog in het midden. Ieks! Die zitten hier ook in de prachtige route door de jungle langs stroompjes en dichtbegroeid woud. De wandeling gaat naar een waterval waar we zwemmen en zonnen. Het voelt heerlijk zo midden in de natuur. We lunchen een groentepot, gemaakt op een eigen gestookt vuurtje en onder het geruis van de waterval en zoemende insecten eten we dit in het zonnetje op. De very very slowboat brengt ons weer terug naar het vaste land, waar ik achterop een scootertje door de mangrove bossen en langs de kustlijn rij. De jongen van het hostel bood mij deze tour aan, voor niks, maar ik geef hem 5 dollar voor de moeite en vanwege het zielige verhaal dat hij het geld dat hij verdient aan zijn moeder geeft. Waar of niet, ik heb een goed gevoel gekocht en een voordelig tourtje.

Jessie ontmoet ik opnieuw en dat staat weer garant voor lachen, op ontdekking, gezellige avondjes, samen wakker worden en ondernemen. We gaan met The Golden Vip Transport nachtbus richting Siem Reap. De trip is grijs, donker en stoffig en het enige golden zijn de tanden van de chauffeur. We lachen om ons mini 2 persoonsbedje, wat heel knus is en best goed slaapt, ondanks de enorme hobbels en kuilen waar de bus doorheen dendert.
Het beroemde Ankor Wat staat op het programma, om 5.00 uur, vóór de zonsopkomst. Dit lijkt idioot, maar met ons zijn er nog wel 1000 idioten die met slaperige ogen aan het water tegenover de enorme tempel staan. De zon komt helaas achter de wolken op, maar om 10 uur hebben we al 25 kilometer gefietst en 3 tempels ( + voor en achtertuin van een paar kilometer) bewandeld. De ruines en gebieden er omheen zijn immens groot en het is moeilijk voor te stellen dat dit allemaal door mensen handen in elkaar is gezet. Je kunt de tempels makkelijk een week bezoeken, maar wij vinden een dag cultureel sightseeing genoeg. Het fietsen van tempel naar tempel vinden wij eigenlijk nog het leukst: tussen bossen door, langs de locals, kraampjes, huizen van golfplaten én apen! Zomaar een hele familie langs de weg. Ze zijn niet bang en je kunt ze bijna aanraken.

ankor

Siem reap zelf is knus en gezellig en we genieten van 2 vrije dagen om de stad te verkennen en wat kleding en prullaria te kopen. Je betaalt hier met de US dollar of met de Riel of met allebei tegelijk en het wisselgeld krijg je ook in beide munteenheden. Bij de bank krijg je soms dollars, soms de Riel. Erg verwarrend allemaal, maar wel goed om het hoofdrekenen bij te spijkeren.
We zien kikkers die ontdaan worden van hun vel, terwijl ze nog leven en vervolgens in een bak bij hun ontvelde familieleden liggen te spartelen, heel gruwelijk en misselijkmakend. Niet verrassend dat er op veel menukaarten fried frog staat. Ik eet meestal vegetarisch, omdat ik toch al wat dierenleed heb gezien en mijn vleeslust niet zo sterk meer is. Bovendien mis ik het vlees niet in de lekker gekruide gerechten en hebben ze veel soorten groenten hier. Voor de Aziaten is dit wel eens bijzonder: no meat?! Yes no meat, yes I eat but no meat. (snappie)

Ik schiet alvast in de pre-stress voor mijn reis naar Australië. 25 december vlieg ik vanuit Cambodja naar Kuala Lumpur, dan moet ik een uur met de trein of een bus naar het centrum naar de pick off plaats om vervolgens de bus naar Singapore te nemen. Van daaruit vlieg ik dan de 27e naar Australië. Het wordt vliegen, wachten, rennen, zoeken en hopelijk aankomen, dan heb ik een iets andere maar wel een zalige kerst.
Among the waves ( Pearl Jam) in alle opzichten. Daar was ik, daar zit ik in en zal ik straks weer zijn.
——————————————————————-
Personal message from your reporter:

Lieve allemaal. Bedankt voor het meelezen en meeleven. Het geeft mij energie en inspiratie om verder te schrijven.
Ik wil iedereen hele fijne, warme feestdagen toewensen met diegene die je lief hebt. Feestdagen zijn mooi en moeilijk, omdat niet altijd iedereen aan de tafel zit die je er wel graag zou zien. Iemand die niet meer onder ons is of iemand die ver weg is. Ik mis jullie, maar dan kijk ik naar de maan en dan weet ik dat jullie naar dezelfde maan kijken.
Geniet van elkaar en wees niet bang dat vandaag de wereld vergaat, in Australië is het al morgen 😉