Als we terug komen van een ronde langs de groentetuinen staat het huis in de fik. Shannon en Leigh zijn gaan surfen en Sarah en ik hebben bij het verlaten van hun huis de haarddeur open laten staan. Deze staat altijd open als ze thuis zijn, maar nu in het uur dat wij weg zijn valt er een blok brandend hout uit. Deze heeft zich door de houten vloer gevreten met zijn vlammen en ligt onder het huis verder te smeulen. We blussen met pannentjes water en het ergste lijkt weg, maar het huis staat vol met rook en we weten niet wat voor gevaar er op de loer ligt onder het huis. Toch maar even de brandweer bellen. 2 korpsen komen, met sirene uiteraard. Tot onze teleurstelling zijn de brandweermannen verre van de stoere knappe mannen uit de films, maar het vuur is onder controle.

‘ Thuis’  is onze enige warmtebron ook een haardvuur. Erg gezellig en knapperig. Ik wordt al beter in brandstichting. Het hout plukken we uit de tuin. Er staan vele gumtrees in die hun takken zo voor de deur gooien als ze droog genoeg zijn om te gebruiken. Met volle maan, als er geen wind is steken we de enorme stapel hout in het weiland aan, een enorm groot vuur dat knetterd tot aan de sterren.

Mijn verhuizing naar ‘ de Farm’ waar Shannon woont kwam wat snel en onverwacht. Mijn huisgenote Mary kwam met een heel rijtje dingen op de proppen die ik in haar ogen allemaal wel niet verkeerd deed. Het klonk in mijn oren meer als datgene waar zij in faalde. Maar bovendien maakte misbruik van haar en ik was respectloos. Verbaasd, verward en best een beetje overstuur over alles wat ze zei stond ik met een mond vol tanden. Ik ben erg slecht in ruzie maken en ik ben ook erg slecht in misbruik maken van andere mensen en ik ga niet respectloos met mensen om dacht ik. Noem me zwak, ja, een angsthaas, ja, een wegloper voor problemen, ja, een ja zegger, ja, maar al dat wat Mary zei kon ik niet geloven en ik wist zeker dat ik dat ook niet was. En nee, deze keer zei ik nee, nee ik ga hier niet in mee, ik ga weg. 1 minuut na het geraas belt toevallig Shannon: Ik vertel, ‘ kom maar hier heen, pak je spullen, het komt wel goed, no worries’

En No worries zijn het: het leven op de farm is heerlijk. Het is geen boerderij in werking met 3 paarden, een hond, maar het land is groot en ik voel me er goed zo in de natuur en de vele vogels. Ik help Shannons ouders die ophetzelfde terein maar 200 meter verderop wonen in de tuin of in hun winkel op de hoek van de straat. Het is een soort tuincentrum, maar ook met beelden en wirlpools. Ik vul bloembakken, decoreer of ik wied het onkruid. Zo werk ik een beetje mee en betaal ik geen huur of andere accomodatie kosten.  Ik heb ook een nieuwe baan gevonden in The Gods Kitchen. Mijn baan bij het ‘ cafe-waar-de-dolfijen-langs-zwemmen’ heb ik ook nog natuurlijk, maar in The Gods Kitchen kan ik avondshift ook draaien. Het is een hele gezellig Bar met live muziek en leuke mensen en collega’s. Terwijl ik de glazen staat te wassen tappen mijn voeten mee met de muziek en als ik het eten oppik in de keuken slaak ik een ‘Hieieiehoeoe’ als de drummer zijn laatste riffel maakt. Het is heerlijk om onder de mensen te zijn en tegelijkertijd wat centen te verdienen. Onlangs ontmoette ik Kees uit Lekkerkerk. Woonde al 60 jaar in Australie, maar praatte nog steeds plat Lekkerkerks Hollands. Dat was erg grappig. Het verbaasd mij dat de meeste Nederlanders in Australie hun taal bijna volledig verloren zijn. Er wordt mij vertelt dat de mensen die na de oorlog in Australie zijn komen wonen zich erg focuste op het idee om echt een Australier te worden en dus nooit meer een woord Nederlands spraken. Het is toch zonde om een taal, je moerstaal notabene helemaal te vergeten.

Ik kan maar niet wennen aan de kleur van het blauwe zeewater. Het blijft me verbazen en verrassen. Het water zie ik praktisch elke dag en het blijft veranderen. Vaak stop ik even om een klein wandelingtje op het strand te maken. De schatten die ik heb gevonden verzamel ik in een grote pot. De kleuren van de schelpen zijn prachtig en de vormen zijn bijzonder. Mijn laatste duik in de zee is nu wel een maand geleden. Het wordt echt koud met 8 graden. De wind van Antartica maakt het allemaal dat het nog veel frisser voelt. De mensen klagen over de kou en over het weer, dat doen niet alleen wij Nederlanders 🙂 Ik vind het persoonlijk wel lekker het frisse weer, het voelt gezond, maar ik kijk ook uit naar warmere tijden.

De pub is gezellig vol. Er spelen 4 bandjes vanavond en Shannon speelt plaatjes tussen de bandjes door. Ondertussen vermaak ik me met alle mensen die op de dansvloer aanwezig zijn. Ik heb leuke gesprekken, een praatje met mij is makkelijk geopend naar aanleiding van mijn niet te plaatsen accent. Later op de avond krijg ik wat moeite met het verstaan van de dubbele tong engels en het vormen van mijn eigen dubbele tong engels. De huisfeestjes zijn het gezelligst. Bij vrienden van Shannon, op de bank, in de tuin met BYO (bring your own) en altijd een vuur. Ik heb al zoveel leuke mensen leren kennen hier. Ik doe mijn best om de namen te onthouden, maar elke vriend heeft ook weer een bijnaam die meestal wel ergens aan ontleed is om opzich het onthouden makkelijker te maken: baardje, lange, rooie, niks nieuws onder de Australiche zon.

Shannon krijgt een mooie kans om te werken in West Australie voor 3 weken en daarna een wereldkans om op een olieplatform in Maleisie te werken voor een jaar. Dat is een maand werken, een maand thuis met erg gunstige voorwaarden en salaris. Dubbele gevoelens, omdat hij zijn 2 kinderen dan een maand niet ziet, maar vervolgens een maand weer wel, waarin hij meer tijd met ze kan besteden dan nu het ene nachtje in het weekend dat ze komen. De jongens zijn 9 en 11 (ja hij was er vroeg bij, foutje bedankt ;-)) Het is gezellig en een drukte van jawelste als ze er zijn. Het is leuk om weer verstoppertje te spelen en te rennen door het park, dat mag dan gewoon. Ze maken ook veel ruzie samen, maar zijn tegelijkertijd ook de beste maatjes. Het zijn echte jongens: ravotten, kattenkwaad uithalen, klieren en het liefst altijd vies en onder de modder. Ze zijn grappig en stellen goede logische vragen zoals kinderen dat doen en waar ik dan geen antwoord op weet. Ze vinden het interessant dat ik van een ander land kom en willen graag mijn taal weten, ze onthouden het goed. Hoe ziet Nederland eruit, Iewris?: ‘  jeetje hoe leg ik dat uit?’  Ik beschrijf het als groen, bloemen, koeien en schapen, vlak, stranden, veel mooie oude huizen en gebouwen, windmolens, fris, bossen, eilanden met zeehonden en alles is erg dicht bij elkaar. Wij rijden naar een ander land. Rijden? Nee dat kan niet, je kunt alleen vliegen naar een ander land Iewris.

Afscheid nemen op het vliegveld, Hello, Goodbye had weer een mooie aflevering kunnen maken. Vanwege mijn eigen vakantie zal ik Shannon voor 2 maanden niet zien. We kennen elkaar pas 3 maanden, maar als je gewoon knalverliefd bent en elke dag van die 3 maanden met volle teugen van elkaar geniet, je in vuur en vlam staat en lacht en lol maakt dan is 2 maanden erg lang. De laatste knuffel voor ‘ de poortjes van de douane’. Een laatste kus, de tranen rollen over mijn wangen en ik loop weg. Kijk nog een keertje om, zwaai en de roltrap rolt mij met mijn tranen terug naar het parkeerdek, uit het zicht. Het afscheid herinnert me aan het afscheid op schiphol 9 maanden geleden, ook voor die douane poortjes. De rit terug in de auto is zo’n 1,5 uur en elk liedje herinnert mij aan familie, mijn vriendje, mensen die ik mis. Ik voel me alleen, nu heb ik niemand hier en diegene die ik heb zijn allemaal daar. Een wandeling langs het strand, een frisse neus, een bakje koffie en meer muziek. Kom op huilebalk, schouders eronder en weg die snottebellen, maar het lukt nog niet. Als ik terug kom op de boerderij begin ik weer te tranen. Een leeg huis. Het is makkelijker, veel makkelijk om diegene te zijn die weg gaat, dan diegene die achterblijft, want alles herinnert aan het gemis.

De ouders van Shannon nemen mij mee op een Rock and Roll avond.  Vrouwen in Grease jurken en mannen met glimmende schoenen, dat dat bestaat! Ik droom er altijd van om in zo’n jurk rond te zwieren en hier kan en mag dat dus. Met wat lesjes mag ik vast ook de dansvloer op, want rock en roll is een echte dans en niet zo maar een beetje rond twisten. Missie voor als ik terug ben: een Sandra Dea jurk scoren en een danspartner, maar die heb ik al gevonden denk ik 🙂

Nog 2 muizen slapen. De laatste 6 nachten heb ik elke nacht een muis gevangen met mijn muizenval, er woont een hele familie in de kast. Nog 2 muizen slapen en dan vlieg ik naar Perth waar ik Rick ( inmiddels Nederlandse Australieren Claire bezoek en waar 2 nachten later Pap en Mam komen. Wat een avontuur gaan we tegemoet en wat heb ik zin in het weerzien! Schakel Hello Goodbye maar vast weer in 🙂

Advertenties